LaLiga-overdenking (6) — Levante en Athletic Club

10. Levante — 49 verliespunten

Over de jaren heen ben ik weinig ploegen tegengekomen in Spanje die zo onvoorspelbaar zijn als Levante. De tweede club uit Valencia (op basis van statuur, dan. Ze hebben immers met 36 miljoen euro het salarisplafond van een degradant.) opereert graag vanuit een 4–4–2, soms 5–3–2, om van daaruit via vlotte counters of vloeiende aanvallen toe te slaan. Spelers als Morales en Roger Marti zijn daar al een tijdje de vaandeldragers van en sinds dit seizoen ook Jorge de Frutos. Van die wedstrijden waar je door de tegenstander wordt teruggedrongen, de tegenstander maar één foutje hoeft te maken en van niets iets wordt gemaakt. Voor clubs met een lager salarisplafond is het ‘the way to go’; gelijkspelen tegen Cádiz, Elche, Valladolid en Alavés kan gemakkelijk worden afgewisseld met zeges op Betis, Real Sociedad, Real Madrid en Atlético Madrid. Ze waren zelfs een verlenging verwijderd van de finale van de Copa Del Rey. De 53-jarige Paco López, die hiervoor nog weinig coachervaring op het hoogste niveau had, is hier de architect van.

Ondanks de schaarse personele wisselingen ten opzichte van vorig seizoen (Bruno Gonzalez, Hernâni..) won Levante in haar eerste tien duels maar één duel (1W, 5D, 4V). Alleen bij Osasuna (1–3 winst, speelronde 3) werd de kunst van het bespelen van ruimtes getoond. Daarbuiten had Levante moeite om compacte opponenten te breken. Pas vanaf december lukte het Paco López’ mannen om tegenstanders weer te verrassen. Een Getafe dat in de hoek zat waar de klappen vielen, wist zich geen raad met de beweeglijke, flitsende counters en kreeg met 3–0 klop eindigend met 9 man. Sindsdien wint Levante zelden drie keer op rij niet. Winnen doen ze niet consistent, maar wanneer ze in de gaten hebben dat ze moeten temporiseren, lukt het ze met hun compacte structuur vaak om een punt te verdedigen.

Winnen van Real Sociedad en Betis in knetterende wedstrijden; Eibar tegen de verhoudingen in met een op snelheid niet te kloppen Morales verslaan; Real Madrid kloppen in Di Stefano; winst en gelijk tegen Atlético in één week; de derby winnen. Met Morales en Roger heeft Levante al seizoenen een dodelijk koppel, maar wat dit Levante kenmerkt, is dat ze regelmatig door kunnen wisselen zonder per se slechter te worden. De Frutos, Melero, Dani Gomez zijn spelers die daar hun steentje aan hebben bijgedragen. Daarnaast konden ze in de Copa Del Rey ook vertrouwen op de geweldige tweede keeper Dani Cárdenas, terwijl Aitor Fernandez (niet zo goed als het vorige seizoen) verschrikkelijk briljant kan keepen op zijn tijd. Een paar dagen na het Copa-verdriet tegen Athletic Club was het vrijwel aan Cardenas te danken dat Real Sociedad niet met 9–0 verloor; het werd slechts 1–0.

Door met weinig budget een talentvolle middenvelder als Malsa transfervrij op te pikken en met De Frutos & Dani Gomez voor 4 miljoen euro (+ vast transferafspraken) twee talentvolle aanvallers op te pikken bij Real Madrid, heeft Levante bewezen dat het ook in financieel lastige tijden goed kan scouten. Clubs als Granada en Eibar hebben vroeger al laten zien dat de Segunda een deugdelijk moestuintje is om kwaliteitsspelers uit op te vissen, de een iets duurder dan de ander. Mede hierdoor lukt het Levante om na 28 wedstrijden (hoewel de verhoudingen klein zijn) in het linkerrijtje van de Primera Division te staan.

Het speelschema

Levante’s laatste 10 wedstrijden, via Futbol24

Acht tot 10 punten achterstand op Europese plekken doet vermoeden dat Levante niet mee gaat doen om Europees voetbal; tegelijkertijd is er 12 punten voorsprong op de degradatiestreep. Het lijkt derhalve een kalme uitloop naar het uiteinde van het seizoen te worden.

Qua zware tegenstanders heeft Levante eigenlijk alleen nog Sevilla, Villarreal en Barça te gaan; maar Levante heeft laten zien dat een op papier gunstig schema voor hen helemaal niet hoeft uit te monden in een zegereeks.

Beste spelers

Wellicht de sterspeler van Levante luistert naar de naam José Campaña, maar die ligt er al sinds november uit met een zware blessure. Desondanks is hij net als Morales een geweldige zaalvoetballer. In de duels sterk, behendig en bovenal een geweldige voetballer. Een Modric/Silva very light; Bielsa’s Leeds scheen een oogje op hem te hebben. Hij is bijna 28 jaar, dus als hij ooit fit geraakt, zal hij een nieuwe stap na vijf jaar Levante vast niet afslaan.

Het koppel Morales — Marti staat garant voor een bak aan doelpunten; 26 goals dit seizoen. José Luis Morales is 33, maar dat valt aan niets te merken. Zijn snelheid, zaalvoetballereigenschappen en kalmte/precisie voor doel is een lust voor het oog. Niet voor niets dat Sierd de Vos als een fanboy buiten zinnen is wanneer hij het veld betreedt. Zijn befaamdste goal is een solo tijdens Betis v Levante begin ‘18/19, als je zin hebt om te YouTuben. De 30-jarige Roger Marti staat daarnaast. Morales wijkt graag naar links uit terwijl Roger iets agressiever is in de duels door het midden. Hij heeft een goede pass in zijn benen maar tikt vooral graag zelf de balletjes binnen. Morales is individualistischer.

Een revelatie dit seizoen is Jorge de Frutos. De 24-jarige buitenspeler valt buiten de boot bij Real Madrid, heeft wat pech gehad met zijn vorige huurdeal op Liga-niveau bij Valladolid, maar speelde zich bij Vallecano op het tweede niveau in de kijker. Real Madrid liet hem met alle liefde voor de zachte prijs van 2 miljoen euro gaan. Sinds december 2020 is De Frutos een ongrijpbare speler. Zeer direct met dribbels en passes; op snelheid onklopbaar en tactisch zeer volwassen. Maak een klein foutje bij een aanname of pass en De Frutos kan in stelling worden gebracht. Hij lokt dan met gemak een overtreding uit, kan scoren maar geeft bovenal veel assists. 7 is best veel in de Liga. Dit volwassen spel is Real Madrid ook opgevallen; mocht Lucas Vazquez daar de deur uitwandelen, dan maakt Real Madrid graag gebruik van een terugkoopoptie bij De Frutos. Luxekechtjes zijn altijd welkom.

9. Athletic Club — 49 verliespunten

We kunnen op zijn minst stellen dat Athletic Club ruige tijden beleeft sinds de start van 2020. De Copa-finale bereiken; Covid; geen finale voor het nieuwe seizoen dus Europees voetbal veilig moeten stellen via de competitie; goede uitgangspositie weggeven voor Europees voetbal; in het nieuwe seizoen de trainer moeten wippen, Super Copa winnen, nieuwe Copa-finale bereiken en in april twee Copa-finales moeten spelen. Veel woorden en dat mag ook wel voor deze rollercoaster. Gaizka Garitano mag wel zijn ontslagen, Athletic Club en Marcelino refereren nog veel aan zijn werk bij de successen die in 2021 bereikt werden.

Twee speelronden voor het einde van ‘19/20 stond Athletic Club er prima voor met een achtste plek; Leganes-thuis en Granada-uit waren de resterende duels. De Basken mochten vertrouwen op een stabiele defensie, toen maar 32 goals tegen na 36 duels en concurrentie had een aanzienlijk pittiger schema. Toch verloor Athletic Club twee keer op rij; 0–2 van Leganes, 4–0 bij Granada. Ook al had Gaizka de Copa-finale gehaald in dat seizoen; dit fatale slot zou mee worden genomen naar het nieuwe seizoen.

Het nieuwe seizoen startte mid-september en het toeval wilde dat ze Granada zouden ontmoeten, opnieuw in Los Cármenes. Granada won opnieuw, met 2–0. Achteraf zou Gaizka Garitano maar oreren en oreren; tactisch had Athletic Club het toch prima voor elkaar? Er was controle! Alleen verdedigden ze 10 minuten na rust wat minder goed, of zo. Alleen was dat heel gechargeerd van Garitano, want Athletic Club’s probleem zat onder hem in het aanvalsspel en dat weet hij best goed. Steeds maar veel controle, maar zoveel moeite om aanvallend zaken te bewerkstelligen. Dan kan je niet met dit soort gezwets aan komen zetten.

Er waren onder Gaizka Garitano weinig duels waarin Athletic Club grote fases van een wedstrijd consistent voetbal liet zien. Tegen Levante, Sevilla, Betis, Huesca en Elche leuk spelen is op een schaal van 17 duels verre van genoeg, hoe logisch het ook is dat Athletic Club met hun geweldige arsenaal aan defensief talent (Unai Simón, Yuri, Nunez, Inigo, Yeray, Capa, De Marcos etc.) niet 90 minuten pressievoetbal speelt. Athletic Club moest nodig leren hoe ze vanuit die sterke defensieve organisatie ook aan konden vallen zonder achterin ook maar een stapje minder te worden.

De beslissing werd eigenlijk al genomen op oudejaarsdag, na de volslagen kansloos verloren derby tegen Real Sociedad, maar het vonnis werd op 3 januari definitief geveld na het met 1–0 gewonnen thuisduel tegen Elche. Je ontslaat je trainer niet met Oud & Nieuw. Zoveel klasse hebben de Basken wel, hoe vaag een ontslag na een zege dan ook is. Niet lang daarna werd bekend dat Athletic Club Marcelino zou halen; ja, dat was die ex-Valenciatrainer die zowat in elke microfoon schreeuwde dat hij graag in het buitenland wilde coachen. Niet dat ik zou klagen, want Marcelino actief zien bij een club is hemels. Marcelino Garcia Toral is een van de beste trainers van Spanje.

Veel voorbereidingstijd had Marcelino niet; maar twee sessies voordat Barça in San Mames werd ontvangen. Terwijl in Amerika de wappies het Capitool bestormden, gaf Lionel Messi samen met Pedri en De Jong weer eens een show weg. Athletic Club moest wennen aan Marcelino’s ideeën, maar werd bovenal doorgedraaid door de grootste allertijden en twee jonge godstalent aan zijn zijde. Een paar dagen later zou Athletic Club vrij zijn van Atlético-uit omdat de sneeuwstorm onverbiddelijk was. Een geluk bij een ongeluk, want Marcelino zou meer tijd hebben om zijn ideeën in te slijpen.

De sneeuwstorm en het weekje vrij voor Athletic Club tot de Super Copa was het beste wat ze kon overkomen. In de halve finale werd Real Madrid met 2–1 verslagen; in de finale werd op heroïsche wijze Barça met 3–2 verslagen na verlenging. Marcelino had nog geen twee weken nodig om weer een prijs te pakken als coach. Athletic Club voetbalde als herboren, hypermodern, pressie vooruit, Williams en Garcia renden vol plezier met Muniain als grote artiest in de buurt. Villalibre mocht weer op zijn trompet spelen, alles was mooi, alles was prachtig. Nog geen twee weken na veel chagrijn en ontslag. De Marcelino-factor; de magische 4–4–2 van waaruit verdedigd en aangevallen kan worden als een machine. Athletic Club had stijl genoeg om in social media-uitingen en op persconferenties ook Gaizka te eren, de ex-trainer. Hij woont op steenworp afstand van Athletic Club, zijn hart bloedt Athletic Club; hij zou ze altijd steunen, ook na zijn ontslag. Marcelino bouwde verder op zijn werk; vanuit de tactische organisatie ze leren aan te vallen.

Acht dagen later, na Ibiza-uit in de Copa tussendoor, zou Athletic Club met een 5–1 zege op Getafe nog eens bevestigen dat alles anders was. Muniain in bloedvorm, Rulo in bloedvorm, Iñaki in topvorm en.. De Marcos als lachende vierde. Onder Garitano was hij op een dood spoor, maar als machine op de rechterflank als back/buitenspeler leek hij herboren. De 5–1 tegen Getafe was voor zowel Athletic Club als Getafe uniek. Het was jaren geleden dat Athletic Club nog eens hard uithaalde, scoren doen ze überhaupt niet veel in een wedstrijd; Getafe kreeg nog nooit meer dan 3 goals tegen op het hoogste niveau in 3,5 seizoen Bordalas.

Sindsdien is de Athletic Club-storm in alle bescheidenheid wat gaan liggen, in de Liga in elk geval. Er werd dik gewonnen bij Cádiz, maar het lijkt om de Copa’s te gaan. In april wachten twee Copa-finales; eerst die tegen Real Sociedad van ‘19/20, daarna op 18 april die tegen Barça van dit seizoen. Athletic Club mocht al instromen in de laatste 32 en sindsdien hebben ze zorgvuldig Ibiza, Alcoyano, Betis en Levante gewipt. De kwartfinale en halve finale waren via penalty’s en verlenging. Het kwam niet cadeau, maar Athletic Club speelde daarin als een team. Als Betis even slimmer, beter lijkt te zijn, verdedigen ze vol overgave en slaan ze net zo lief in blessuretijd nog toe. Uithoudingsvermogen, talent, koelbloedigheid; dé drie kenmerken van het Baskische Bilbao van Marcelino. Of ze Barça kunnen verslaan in een Copa-duel? Dat hebben ze bewezen, hoewel Barça de laatste tijd enorm goed voetbalt.

Speelschema

Het slot van Athletic Club, via Futbol24

De Copa-finales staan boven alles; om Baskische eer, om hun trots. In de tweede Copa-finale kunnen ze ook nog eens Europees voetbal, de Europa League, veiligstellen. Als dat mislukt, lijkt met 8 punten achterstand op Villarreal het lastig om de Conference League te halen. Het competitieschema lijkt daarnaast ook mensonterend: Real Sociedad, Betis, Atlético Madrid, Sevilla en Real Madrid worden allemaal nog afgewerkt op hun lijstje.

De beste spelers

In het collectief dat Athletic Club is, zou je makkelijk spelers tekort doen om hun kwaliteiten. Als team maken ze elkaar beter: de Basken hebben behoudens Muniain stuk voor stuk spelers die net zo goed een tijdje geen bal goed kunnen raken. Toch probeer ik kort wat lofzangen te doen.

Topscorer (Berenguer, 7 goals)

- Alex Berenguer is toch wel de grote profiteur van Marcelino’s komst. Samen met De Marcos op de rechterflank met zoveel meer vertrouwen op het voetbalveld. Dribbels, individuele acties, weten waar hij moet staan om een goal te maken, prachtige pass en defensief heel sterk.

Artiest (Iker Muniain)

- Soms moet je even goed knipperen met je ogen als je de leeftijd van Muniain ziet. 28 jaar nog maar, terwijl hij al zo lang meeloopt. Nu ruig en bebaard, vroeger nog een glad en jong hoofd. Tegenwoordig is hij de enige echte artiest van Athletic Club. Zonder in tactisch opzicht enorm veel te doen.. nou ja goed tackelen, is hij zo belangrijk voor de Basken. Schitterende artistieke passes lang hoog kort laag, dribbelen en niet de bal kwijtraken. Mijn favoriete Muniain-moment is zijn, gok ik, assist op de 2–1 tegen Getafe. Weer een opzoekmomentje.

Verdediger (Yeray Alvarez)

- Een van de beste verdedigers in Spanje dit seizoen, Yeray. Net 26, maar zo voelt het niet. Als je het hebt over pure slimme verdedigers; onderscheppen, ballen weghalen, door de lucht sterk zijn. Dat is Yeray en met name in de Copa Del Rey-duels was hij voortreffelijk daarin.

Assistkoning in Bilbao, De man die al sinds 2015/16 geen duel van Athletic Club in de Liga miste (Iñaki)

- Snelheidsduivel, dribbelaar, op snelheid niet te kloppen. Vaker zien we een Iñaki die voetballend niet de speler is waar we dromen dat hij veel groter is; desondanks een vaste waarde in dit team. Heel soms is er een glimp van zijn talent; de golazo tegen Barça, de tweeslag tegen Sevilla twee seizoenen terug, partidazo’s tegen Getafe en Elche.

Ziet graag Ajax voetballen. Kijkt veel naar LaLiga.

Ziet graag Ajax voetballen. Kijkt veel naar LaLiga.